Soms moet je de school even uit om je werkzaamheden op die school te overdenken, te verbeteren en te toetsen. Om even los van je dagelijkse doen met bekenden en onbekenden te praten en te luisteren naar hun ideeën. De Haagse Cultuuronderwijsdag van de CultuurSchakel, op woensdag 17 april, was zo’n moment. In de Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten vonden ontmoetingen plaats tussen scholen en Haagse aanbieders van cultuur. Er was een heerlijke avondmaaltijd met als toetje lezingen van Jelle Jolles (Hoogleraar Neuropsychologie en directeur van het Centrum Brein & Leren) en Gert Biesta (Onderwijspedagoog en hoogleraar Educatie aan onder andere de Brunel University London). Hier volgt een verslag van mijn ervaringen van deze dag.

KABK
In het gebouw van de Koninklijke Academie heb ik 5 jaar lang rond mogen lopen. Ik ben er ‘afgestudeerd’ als schilder. Ik schrijf het woord ‘afgestudeerd’ hier tussen haakjes omdat je eigenlijk als schilder nooit afgestudeerd bent. Zelfs de grootste kunstenaars waren nooit ‘afgestudeerd’. Het is een levenslange zoektocht, op welk niveau je je ook bevindt. Wat onmiddellijk de vraag oproept of dat voor andere vakken ook geldt. Stiekem denk ik van wel. Het lopen door het gebouw riep bij mij weer een hoop herinneringen op. Het was de eerste school waar ik me thuis voelde. Een school waar ik beter heb leren kijken. Ik kwam er als 18 jarige vanuit Almelo voor naar Den Haag en heb die stad nooit meer verlaten. Er waren meer oud leerlingen. Met mensen die ik helemaal niet kende haalde ik herinneringen op over onze kunstacademietijd. Nu breng ik als cultuurcoördinator mijn liefde voor de kunsten de basisschool binnen. En deze middag was opnieuw een check hoe de manier waarop ik dit doe raakt aan hoe anderen hierover denken.

Aanbod

Er was een divers aanbod, zoals hierboven te zien is. Ik leerde dat West Den Haag en Anna Vastgoed en Cultuur een nieuwe culturele hotspot realiseren in de voormalige Amerikaanse ambassade. Ik sprak met Ludette el Barkany van ‘Huis van Gedichten‘ over de waarde van poëzie en hoe wij leerlingen daarmee in contact brengen. Dat gesprek was zo leuk en we hadden zoveel gemeen dat we afspraken zeker nog samen een kop thee gaan drinken. Ik schreef me in bij Anouk Notenboom en Debbie Coninck Westenberg voor een leernetwerk over thematisch werken. Maar vooral het nagerecht bleef bij mij nog lang nagonzen. De afsluitende lezingen van Jelle Jolles en Gert Biesta waren beiden weer een toetssteen voor mijn werk als docent.

Ervaringen
Ik biedt leerlingen graag kennis aan via ervaringen. De verwerking van die kennis vindt in mijn lessen vaak plaats door MAKEN en DOEN. Hieronder een kort filmfragment over de laatste lessenserie waarin de onderbouw van het po kennis maakt met de kracht van lucht en hun ontwerpen test in de luchtkolom van een föhn (in mijn volgende blog volgt meer hierover).

De leerlingen zijn meestal enthousiast over deze aanpak. Ook collega’s en bestuurders vinden het ‘mooi‘ en ‘leuk voor onze pr‘. Maar het onderwijs dat ik graag wil geven is een manier van lesgeven die ook vaak onder vuur ligt: ‘Jij hebt er de tijd voor. Ik kan dit er echt niet bij doen.’; ‘Wat leren ze hier nu van?’; ‘We moeten eerst de basis op orde hebben.’ Als je dit soort vragen en opmerkingen krijgt over je werk ga je je inderdaad afvragen ‘wat de leerling nu leert’ in je lessen. Dat blijkt niet zo makkelijk. Je kunt immers niet in de hoofden van leerlingen kijken. En als je bredere leerdoelen hebt dan bijvoorbeeld ‘optellen en aftrekken over het tiental’, dan is dit nog niet zo eenvoudig te evalueren. Hoe toets je of een leerling beter gaat observeren? Hoe krijg je boven water of een leerling zijn creativiteit ontplooit? Je kunt natuurlijk gesprekken daarover voeren en leerlingen werkstukken laten presenteren, maar een echt compleet helder plaatje wordt het nooit. En moet je dat willen? En wat versta ik zelf eigenlijk onder ‘de basis’? Men bedoelt uiteraard dat rekenen en taal de vakken zijn die de kern uitmaken van het basisonderwijs. Wat vind ik daar nu zelf van? Deze vragen maken dat ik mijn eigen denken en handelen steeds toets aan onderzoek, meningen en bevindingen van anderen.

Jelle Jolles heb ik al diverse keren horen spreken en van Gert Biesta hebben we onlangs bij het ontwikkelteam ‘Mens en Natuur’ van Curriculum.nu, waaraan ik deelneem, zijn oratie ‘Tijd voor pedagogiek‘ (download: Oratie Biesta) bestudeerd, om zijn gedachtengoed over pedagogiek te verwerken in ons toekomstig curriculum.

Jelle Jolles
De lezing vanJelle Jolles was weer een feest van herkenning. Ik zoek zelf ook voortdurend naar manieren om door middel van het stellen van vragen denkprocessen bij leerlingen op gang te brengen.

Deze diashow vereist JavaScript.

En probeer leerlingen te laten verwoorden wat ze zien en wat ze denken…

Deze diashow vereist JavaScript.

Het lijkt een open deur maar…

Hoe vaak spelen kinderen nog ongedwongen, zonder leerdoelen, zonder ipad of telefoon, uit zichzelf?

Biesta: de pedagogische vraag

De lezing van Gert Biesta was wat abstracter maar zeker niet minder inspirerend. Volgens Biesta is de pedagogische vraag, de vraag van het ‘ik’. Het ‘ik’ staat in de wereld en het omgaan met die wereld is niet altijd makkelijk. Het lijkt alsof we leven in een tijd met onbeperkte keuzevrijheid. Maar op een wezenlijk niveau hebben we niet zoveel te kiezen. In welke omgeving we geboren worden en welke talenten ons ten deel vallen is een gegeven waar we mee moeten leren leven. We hebben te maken met weerstand binnen en buiten ons. Obstakels en tegenwerking in onze omgeving en onze eigen tekortkomingen staan het verwezenlijken van wensen en dromen in de weg. Hoe we daarmee omgaan is van belang. Natuurlijk kun je doorduwen en iedere weerstand willen overwinnen. In extreme vorm zijn terroristen, jihadisten en menig twitteraar daar erg goed in maar het risico bestaat dat je in het uiterste geval de wereld vernietigt. Als tegenovergestelde kun je bij het ontmoeten van weerstand je ook terugtrekken in jezelf. Het gevaar hierbij is dat je jezelf vernietigt. Dat dit aan de orde van de dag is bewijzen cijfers van de overheid die aangeven dat 1 op de 15 jongeren van 18 tot 24 jaar lijdt aan depressie. Het ‘thuis zijn in de wereld’ bevindt zich tussen deze uitersten. Het volwassen zijn manoeuvreert volgens Biesta in het grijze tussengebied. Een goede pedagogische aanpak ondersteunt leerlingen bij het zoeken naar die balans. We hoeven in de huidige maatschappij maar om ons heen te kijken om ons te realiseren dat het nog niet meevalt om je in het grijze midden te begeven dat niet zelden overschreeuwd wordt door uitersten.

Het pedagogische werk

Het is de taak van de pedagogiek om te onderbreken, om weerstand in te brengen. De wereld valt immers nooit helemaal samen met de wensen en identiteit van de leerling. Leerlingen zijn soms gefrustreerd door hun fouten, grenzen en problemen maar waar het schuurt gaan ze juist leren. Tijd, ruimte en steeds een andere aanpak zijn nodig om inzichten te verschaffen over onszelf en hoe we ons tot de wereld verhouden. Daarbij is steun van de omgeving belangrijk.

Kunst

Om je plek te leren vinden in de wereld kan een leerkracht of ouder je bijstaan. Maar ook kunst kan volgens Biesta de rol vervullen om te onderbreken, te vertragen of te ondersteunen en te troosten.

Helga Eng opperde dat kunst het leidend principe zou kunnen zijn voor ons onderwijs. Dat zou hier een hele revolutie betekenen. Van ‘de basis op orde‘ en ‘kunst als kers op de taart‘ naar ‘de kunst centraal stellen‘. Ik denk dan ook niet dat dit ervan zal komen. Ik voel me wel gesterkt door dit soort denkoefeningen omdat kunst in mijn leven altijd leidend is geweest. Als kind van 6 was dat al zo. Dat heeft niets te maken met topkunst of succesvol zijn in de kunstwereld. Het heeft te maken met een rode draad in je leven hebben waardoor je altijd verwonderd, getroost en uitgedaagd wordt door kunst en schoonheid in de wereld. Dat is een grote rijkdom.

Die rijkdom neem ik weer mee de klas in en de lezing van Gert Biesta heeft me daarin gesterkt. De manier waarop leerkrachten hun lessen vormgeven heeft ook te maken met hun ‘ik in relatie tot de wereld’. Ik kan eigenlijk niet heel anders gaan lesgeven dan ik nu doe. Door de jaren heen ontwikkel je een manier van doen, waarin je zoals Biesta schetst, je eigen grijze middengebied zoekt. Je ontwikkelt voorkeuren voor een leeftijdsgroep, voor een aanpak en voor de vakken die je geeft. Natuurlijk kun je die voorkeuren oprekken als de wereld er om vraagt, maar ook weer niet teveel want dan doe je jezelf geweld aan. De manier waarop ik werk geeft me energie. Ik heb de vrijheid nodig om het op deze wijze te doen. Net als een leerling ook vrijheid nodig heeft om zich te ontwikkelen. Een vrijheid die steeds ter discussie staat en die je steeds opnieuw moet verantwoorden en bevechten. Leren en lesgeven is geen product of protocol. Het is een proces. Het vindt dan ook niet alleen plaats op school. Als het goed is leer je overal waar je bent een leven lang.

Het was dus een mooie woensdag die nog voor langere tijd stof tot nadenken biedt. CultuurSchakel: dank hiervoor…

Wordt uiteraard vervolgd,
Juf Annemarie

 

»

  1. Marjolein schreef:

    Annemarie bedankt voor dit mooie verslag, ik had graag de dag bijgewoond! Ik werk op een school waar we proberen het roer om te gooien en heb veel aan jou blog!
    Dank weer!
    Marjolein te Slaa

    • Annemarie schreef:

      Dankjewel Marjolein. Wat fijn on te horen dat je mijn blog leest. Werk je op een school in den Haag? Het was inderdaad een hele inspirerende dag en als je in den Haag werkt kun je de volgende keer naar een bijeenkomst van de Cultuurschakel.

    • Jan Van Balkom schreef:

      Hallo Marjolein, ik ben op zoek naar jou ivm een vraag voor een bijdrage aan een themanummer van het onderwijsvakblad Zorg Primair over Verhalen vertellen., Je werkt niet meer op de Nicolaas Maesschool. maar daar weten ze niet waar je gebleven bent.

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.